Klasse: 3B PSV DoDO – ASV-2 4-4
Zaterdag 31 oktober staat de derde ronde van de KNSB-competitie op de agenda. ASV-2 staat te popelen om de schandalige vertoning uit ronde twee weg te werken. Helaas kunnen Léon van Tol en Job Bernards niet van de partij zijn maar Jan van de Linde en Sander Berkhout zijn meer dan volwaardige invallers.
Om 12.30u verkenden de ASV-spelers de bal- en tevens speelzaal waar de aanwezigheid van een heuse spiegelmuur het geheel een bijzonder cachet gaf. Slim als de gastgevers waren, zorgden zij ervoor dat wij met onze gezichten naar de spiegelwand werden geplaatst zodat wij elke keer als we opkeken schrokken van ons eigen spiegelbeeld.
De wedstrijd werd geopend met een puntendeling op bord drie.
Ivo Stork: Mijn tegenstander (Jacco Heij) bleek niet op de hoogte van theorie uit de vorige eeuw. Ik kwam met een pluspion zonder compensatie uit de opening. Vervolgens speelde hij zeer actief, hetgeen ik redelijk goed opving en uitbouwde tot flink voordeel. De winst was simpel, ik had het gezien maar meende nog beter te hebben. Op increment spelend vond mijn tegenstander elke keer de enige zet en moest ik oppassen dat in niet alle schepen achter mij verbrandde. Geslaagde Houdini acte van mijn tegenstander, terechte remise dus.
Even later won Fleur Westerhof op bord acht. In een scherpe Najdorf plaatste tegenstander Kasper Dokter een dapper maar foutief loperoffer op b5. Fleur incasseerde het stuk, kreeg een benauwd momentje op de g-lijn en wikkelde keurig af naar de winst.
Tom Bus kreeg op bord één eveneens een antieke variant (van de Pirc-Verdediging) op het bord. Met eenvoudige middelen kreeg Tom de betere stelling. Na een tactische schermutseling verloor Tom de kwaliteit maar kreeg daarvoor een mataanval in de plaats. Tom vond de winst niet en zwart wikkelde keurig af naar een gewonnen eindspel.

Hierboven de stelling van Tom tegen Kevin na 26….Dxb2.
“Sla nooit op b2, ook al is het goed.”
Hoe had Tom kunnen winnen?
Jan van de Linde kreeg op bord vijf tegen Niels Heijnekamp een veelbelovende stelling. Menig kiebitzer dacht zowaar aan een gewonnen stelling. Het realiseren van een voordeel is echter makkelijker gezegd dan de gedaan en Heijnelamp kwam met een blauw oog vrij.
ASV nam weer de leiding door Sander Berkhout (bord 7). Zijn verslag is kort en krachtig: “Ik speelde een foutloze partij en zagen jullie mijn winnende koningswandel?”
Peter Boel had op bord 6 een zware middag. In een middenspel met toren, loper, paard en een zestal pionnen, stonden alle witte stukken van Remy Sennema net ietsje beter. Zo zag Peter het: “Ik kwam met zwart wel aardig comfortabel uit de opening, toen bood mijn tegenstander remise aan. Ik zag nog wel wat mogelijkheden en weigerde (natuurlijk…) maar toen begon ik heel planloos te spelen en hij deed het goed. Ik kwam in grote problemen in een lastig paardeindspel met vele moeilijke keuzes, maar uiteindelijk was het mijn tegenstander die de verkeerde keuze maakte, waardoor ik al zijn pionnen kon opruimen en het net kon keepen.”
Met nog twee partijen te gaan en een 3,5-2,5 voorsprong kon het nog alle kanten op gaan.
Laten we beginnen met bord 2. Ornett Stork speelde tegen laatkomer Ewoud ’t Jong.
“Ik was wellicht geïmponeerd door het spiegelpaleis en mijn tegenstander die een half uur te laat kwam want wat ik aan zetten fabriceerde tussen zet 16 en 20 was werkelijk niet om over naar huis te schrijven. Al mijn stukken gingen in die fase naar slechtere posities waarna mijn tegenstander een makkelijk middag had. Voor de rest snel vergeten.”

Last but not least: Sjoerd van Roosmalen speelde op bord vier tegen de kampioen van Hoevelaken: Matteo de Haan. Hier is het verslag van Sjoerd:
“Ik kwam met zwart in een Slav in een lange theorie variant. Wanneer wit het te tam speelt wil ik het te snel afstraffen waardoor wit een vervelende positionele druk op de zwarte stelling krijgt. Een goede verdediging zorgt dat op zet 26 de computer 0.00 geeft. Die beoordeling blijft onveranderd in het toreneindspel waarin wit 4 tegen 3 pionnen op de koningsvleugel heeft staan. Wit blijft drukken, zwart blijft verdedigen. Pionnen worden geruild en zwart offert een tweede pion waardoor wit overblijft met een dubbele g pion. Nog steeds 0.00. We spelen inmiddels increment. Op zet 86 gaat het fout en staat wit één zet lang gewonnen. Een zet later is het weer 0.00. Maar op zet 95 gaat mijn toren a tempo naar het verkeerde veld. Wit staat gewonnen maar de pionnen staan nu zover dat er maar één juist plan is. Onder tijdsdruk gaat wit nu op zet 103 in de fout waardoor 4 zetten later twee kale koningen overblijven. De 4-4 is gered.”

Hierboven ziet u het befaamde eindspel van Sjoerd tegen Matteo. Wat vindt u er van?
Ik denk dat 4-4 de terechte uitslag is. In de volgende ronde wacht ons een echte streekderby tegen koploper Arnhemse Schaakacademie. Laten we gaan stunten!

Verslag: Tom Bus, foto’s: Fleur Westerhof
